17:57 uur.
Mijn mobiel rinkelt, ik neem op.
‘Met X uit groep 4. Wij hadden vandaag mailles met u, weet u nog wel?’
‘O. Eh… jazeker!’ (Ik verwachtte een totaal ander telefoontje.)
‘U weet wie ik ben toch? U gebruikt mij heeeeeeeel vaak in de les!’
‘Tuurlijk! Vond je het leuk vandaag?’
‘Ja. Maar ik wil nog even zeggen dat ik u zo mis.’

Toen ik eind jaren negentig begon als docent Nederlands in het voortgezet onderwijs stond ik met naam, adres én telefoonnummer in de schoolgids. Het schooljaar daarna veranderde dat; zowel mijn collega’s als ik werden té vaak telefonisch belaagd door klierige tieners die zich verveelden na het achtste uur. Een tijdje was ik dan ook redelijk paranoia als het ging om gegevens uitwisselen.

Toen ik voor mezelf begon, moest ik wel weer, vond ik. Ik zette mijn telefoonnummer standaard in de handtekening onder mijn mails.

Je ziet wat er van komt.

In relatief korte tijd werd me gevraagd om twee vlogs te maken. Daar zeg ik, als 21e eeuwse schrijfster en moeder van drie vlogverslaafde meiden geen nee tegen, natuurlijk!

(Moeluk-Moeluk-MOELUK! Iedere seconde telt!!! Heb met terugwerkende kracht bewondering gekregen voor Enzo, Dylan, Joy en al die andere
filmpjesfreaks…)

De eerste van de twee staat inmiddels online op het youtubekanaal van De Schoolschrijver. Daarin vertel ik – in 43 seconden… fjoe! – hoe je aan (hier komt de link:) Saaaaaaaie boeken toch plezier kunt beleven.

(Ik ga het maar eens vaker doen, denk ik, vloggen. Want behalve ‘moeluk’ ook best een leuke uitdaging!)

 

Oftewel:

  • waar
  • wanneer
  • met welke rituelen en
  • technieken

In groep 8 ga ik proberen antwoord te geven op deze vragen.

Hieronder zie je een stripgedicht, geschreven door Edward van de Vendel en getekend door Floor de Goede. Ik gebruik ze voor mijn Schoolschrijverlessen. Er zijn ook filmpjes van!

 

Tijdens een workshop van Hans en Monique Hagen leerde ik dit citaat:


Een poosje daarna las ik in de Poëziegids toevallig een les over gedichten over de zee en toen was één plus één drie. Inspiratie is vaak een combinatie met je eigen sausje erover, toch?

Zo kwam het dus dat ik in groep 4 aan de slag ging met gedichten over de zee. En dat we ons eigen gedicht in een glazen potje stopten of het erop plakten en dat vervolgens met crêpepapier omtoverden tot een minizee.

Kunst!

Volgende week begint De Schoolschrijver aan haar achtste editie van het intensieve traject. Ooit begon het met een prachtig, kleinschalig initiatief van directeur Annemiek Neefjes en auteur Lydia Rood. Vanaf 22 januari a.s. zijn tientallen kinderboekenschrijvers gedurende een half jaar verbonden aan basisscholen in onder meer Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Eindhoven, maar ook in de provincies Groningen en Friesland.
Wat gaat dit lopende vuurtje doen?

Taal- en verhaalvlammetjes aanwakkeren en oppoken. De fik erin!
Samen met de leerlingen verwonderen de schrijvers zich over woorden, wezens, wensen en waarheden, over alle mogelijke werelden.
Over anderen, over elkaar, over zichzelf.
En dan?
Dan wordt de woordenschat van die kinderen groter, wordt hun fantasie geprikkeld en nemen hun leesplezier en zelfvertrouwen toe. En dát zie je op een positieve manier terug in álles wat ze doen, denken en zeggen op school en daarbuiten.

Ik ben één van de schrijvers die vanaf volgende week gaat vlammen. El Kadisia wordt mijn school, groep 4 wordt mijn groep. De kinderboeken en dichtbundels liggen klaar. Er is een vitrine, een boekenkast. Er zijn werkmappen in alle klassen. Er zijn knutselspullen. Er is een rooster, er is een brievenbus en er komt een officiële opening waar ik N.I.K.S. van mag weten (spannend! leuk!).
Volgens mij verlangen de kinderen en juffen er net zo vurig naar als ikzelf!

Meedoen?
Dat kan op allerlei manieren: intensief, eenmalig of een maand, online… maatwerk staat voorop. Kijk voor meer informatie op de website.

De Fashion Academy, mijn eerste serie, is compleet!

De eerste twee waren een tweeling; nummer drie en vier kwamen precies negen maanden na elkaar. Ze lijken op elkaar, qua uiterlijk (knap stel, toch?), maar ook in de karakters zitten veel overeenkomsten. Toch zijn ze allemaal anders en vullen ze elkaar goed aan.  Kortom: ik ben er trots op, zoals een moeder op haar kinderen.

Het voelt ook gek; leeg. Niksig.
Dat hoort zo als na een creatief proces het doek valt, dus niks aan de hand.

Ik ruim de rommel op van mijn bureau en maak er nieuwe rommel bij. Ouwe kladjes kunnen weg, nieuwe worden vol gekriebeld en gekrabbeld, in de hoop dat er een boek (of weer een serie!) uit ontstaat.

En ondertussen heb ik heel veel zin om bij scholen langs te gaan en te vertellen over mijn serie. (Inderdaad, zoals een moeder niets liever doet dan over haar kinderen praten 😉
Of over mijn andere boeken, natuurlijk.

Je kunt me boeken via de Schrijverscentrale.
(Ja, óók voor groep 3 en 4, want die houden hééél erg veel van Lego Nexo Knights en daar weet ik toevallig ook wat van!)

Doen hoor!
Vinnik gezellig.